Waarlijk Wonderbaarlijke Wetenschap

Kan de wetenschap ons helpen met onze goede voornemens voor 2016?

Kalenderblad 1 januari

Circa 78% van de Nederlanders hebben voor het nieuwe jaar goede voornemens, maar in de praktijk blijkt maar een kwart daarvan die voornemens een heel jaar lang vol te houden. Voornemens volhouden is een gevecht tussen wilskracht en verleidingen, met gewoontes, afleiding en vergeetachtigheid als extra storende factoren. Voldoende reden om nog net voor het nieuwe jaar begint eens te kijken of de wetenschap ons kan helpen die goede voornemens vol te blijven houden.

 

Feiten over goede voornemens
Even wat feiten over goede voornemens. De populairste voornemens zijn afvallen (16%), je minder druk maken (9%), meer sporten of bewegen (7%), een nieuwe baan vinden (5%) en minder geld uitgeven (ook %5). Mannen zijn succesvoller met goede voornemens dan vrouwen, waarschijnlijk omdat ze realistischer doelen voor zichzelf stellen. Dat slechts een kwart tot het eind van volgend jaar zijn of haar goede voornemen volhoudt is al niet bemoedigend, maar dat de helft aan het eind van het jaar al helemaal niets meer weet te herinneren van het goede voornemen zegt helemaal veel over de uitdaging die u waarschijnlijk van plan bent aan te gaan.

Prof. dr. Denise de Ridder.

Prof. dr. Denise de Ridder.

In het Selfregulationlab van de Universiteit Utrecht onder leiding van prof. dr. Denise de Ridder doen ze onderzoek naar gezondheidsdoelen en hoe mensen die trachten te realiseren. Dat komt goed uit, want drie van de vier goede voornemens gaan over gezondheidsdoelen.

Plezier en gewoonte
Mensen hebben moeite met gezonder leven omdat ze aan ongezonde dingen vaak plezier beleven: een gebakje, een snack, een glas drank, een sigaret; er zit allemaal een sfeer van plezier en genoegen aan. Wanneer u gaat registreren onder welke omstandigheden u ongezonde dingen doet zal het u opvallen dat het vaak ook een gewoonte is: de zak chips leeg eten bij het tv kijken, de sigaret na een kop koffie, het aperitief voor het eten. Dat maakt het juist zo moeilijk: u dient een gewoonte te doorbreken.

Verleidingen.

Verleidingen.

Daarbij is de wereld vol met verleidingen: reclame, de supermarkt, andere mensen die iets aanbieden. Er wordt wel eens gezegd dat de overheid hier meer aan zou moeten doen door deze ongezonde verleidingen te verbieden, maar het is de vraag of dat echt werkt; verboden vruchten smaken zoet.

Wilskracht is bij de ene mens sterker ontwikkeld dan bij de ander, maar vaak blijkt dat als de wilskracht maar lang genoeg op de proef wordt gesteld er op een gegeven moment de rek uit is. Wilskracht lijkt daardoor niet de definitieve oplossing. Tien keer ‘nee’ zeggen lukt, de elfde keer ga je toch voor de bijl. Het is een strijd tussen kortetermijnverleidingen en langetermijndoelen. Nu een rol koekjes leeg eten of over zes maanden met een strak lichaam over het strand lopen.

Het marshmallow-experiment
De meeste mensen hebben er wel eens iets van gehoord of gezien: het Stanford marshmallow-experiment, uit 1972 alweer. Een groep kinderen kreeg één marshmallow aangeboden, of twee als ze een kwartier konden wachten. Het bleek dat niet wilskracht de doorslag gaf bij de kinderen om een kwartier te kunnen wachten, maar dat ze zichzelf afleidden door te gaan zingen of tikken of dat ze de gedachte aan marshmallows vervingen met de gedachte aan witte wolkjes. Eten als iets abstracts beschouwen helpt kennelijk.

De beelden van het marshmallow-experiment; wie kent ze niet?

Als-dan-plannen
We gaan even naar de gewoonte terug. Een dieet gaan volgen is vaak een slechte strategie, omdat u dan iets gaat doen wat helemaal geen gewoonte van u is. Diëten worden daarom zelden volgehouden. Het is beter om op een heel concrete manier een nieuwe gewoonte aan te leren. Wanneer u dat 30 tot 60 dagen volhoudt heeft u waarschijnlijk een nieuwe vaste gewoonte die u makkelijk vasthoudt.

Eet een appel.

Eet een appel.

Een heel concreet en handig instrument is een ‘als-dan-plan’. Als u eerder al heeft geregistreerd wanneer u in een foute gewoonte vervalt, herkent u het moment waarop u het als-dan-plan in werking moet stellen. Dat als-dan-plan is eigenlijk heel simpel: als u trek hebt in een zak chips, neem dan een appel, als u trek hebt in een sigaret, drink dan een kop thee enz. Dus: analyseer onder welke omstandigheden er voor u een bepaalde verleiding opduikt, wees alert en pas het als-dan-plan toe. Concreet, overzichtelijk, korte termijn; dat werkt.

Waarlijk Wonderbaarlijke Wetenschap wenst u een goed en wilskrachtig 2016 toe. Succes!

Bron: Universiteit Utrecht, Voedingscentrum e.a.




Aantal keren gelezen:418.

Deel dit artikel
Facebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedintumblrmailFacebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedintumblrmailby feather
FacebookrssFacebookrssby feather

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *